• wat doe je voor de kost? (=hoe verdien je je geld?) • vragen kost geen geld (=al heb je weinig kans, je kan het in elk geval maar vragen) • twee joden weten wat een bril kost (=we hoeven elkaar niets wijs te maken) • onze Lieve Heer heeft vreemde kostgangers (=er bestaan nu eenmaal merkwaardige mensen) • koste wat kost (=hoe dan ook. (ook wel: coûte que coûte)) Toon alle 12 spreekwoorden die kost bevatten